Iets over het bijenvolk
Onze honingbij leeft in een goed georganiseerde kolonie. Oorspronkelijk leefden de bijenvolken inboomholtes, maar deoude cultuurvolken zoals bijvoorbeeld de Egyptenaren bouwden zelf woningen voor de bijen. Vroeger werden de bijen gehuisvest in korven, maar tegenwoordig worden bijna altijd kasten gebruikt omdat het houden van bijen hierin gemakkelijker is voor inspectie van het volk en het oogsten van honing.

Een bijenvolk bestaat uit 1 koningin, 20.000-60.000 werkbijen en in de zomer enkele honderden darren (mannetjes). De voornaamste taak van de koningin is het leggen van eitjes in de mooi uitgebouwde raten. Dit doet zij van ongeveer februari tot oktober. Aan het einde van de winter legt zij nog maar weinig eitjes, maar naarmate het voorjaar vordert gaat haar productie sterk omhoog en hoeveelheden van 1500-2000 eitjes per etmaal zijn dan niet ongewoon (dit komt overeen met meer dan haar eigen lichaamsgewicht!)
In het begin legt de koningin alleen maar bevruchte eitjes, waaruit na 21 dagen de vrouwelijke Werksters worden geboren. Op een gegeven ogenblik gaat de koningin ook onbevruchte eitjes leggen in wat grotere cellen. Hieruit ontstaan na 24 dagen de darren. Dit is een aanzet tot de natuurlijke vermeerdering van het volk. Het bijenvolk wordt steeds groter en de werkbijen gaan speciale cellen bouwen waarin de koningin bevruchte eitjes gaat leggen. Deze zijn voorbestemd tot nieuwe koninginnen, hetgeen bereikt wordt door toediening van speciaal, door de werksters, geproduceerd voedsel.
De jonge koningin is na 16 dagen rijp, maar voordat haar geboorte plaatsvindt verlaat de oude koningin met een deel van het volk de woning. Dit is het u welbekende zwermen. De zwerm gaat meestal dichtbij aan een tak hangen en wordt door de imker "geschept" en in een nieuwe woning gebracht. Omdat in het achterblijvende volk meerdere koninginnen worden geboren kan dit volk ook nog weer gaan zwermen. In veel gevallen tracht de imker het zwermen te voorkomen door bepaalde maatregelen te nemen. De jonge koningin moet nog bevrucht worden. Hiervoor vliegt zij op een mooie dag uit en paart hoog in de lucht met meerdere darren. Na terugkeer in de kast of korf gaat de koningin spoedig eitjes leggen en begint de opbouw van een nieuw bijenvolk.
Later zijn de darren niet meer nodig en worden door hun zusters doodgestoken! In het najaar gaat de koningin steeds minder eitjes leggen en het volk gaat naar de winterrust toe. De imker zorgt ervoor dat ze voldoende voer hebben (suiker). Wordt het koud dan gaan de bijen een tros vormen (klein afkoelend oppervlak) met de koningin in het warme centrum. De bijen blijven voldoende warm door het opnemen van voedsel. En in het vroege voorjaar begint dan weer een nieuwe cyclus.
Tenslotte iets om nog eens over na te denken: een dar heeft geen vader en geen zonen, maar wel een grootvader en kleinzonen! Dezelfde dar heeft wel een grootmoeder, een moeder, dochters en kleindochters.
Honing en stuifmeel
Bij hun bezoek aan bloemen verzamelen de bijen stuifmeel en nectar. Beide stoffen worden opgeslagen in de raten.
Stuifmeel (stuifsel van de mannelijke helmknoppen) dient als voedsel voor de jonge larven. De bijen nemen dit mee in een speciaal korfje aan de achterpoten( zie foto). Deze klompjes stuifmeel kunt u zien bij observatie van bijen die op de bloemen zitten. De bijen bezoeken veel bloemen en hierdoor worden de stuifmeelkorrels van de ene naar de andere plant overgebracht. Op deze wijze vindt dus de bestuiving plaats. Dit betekent dat veel planten en bestuivende insecten voor hun voortplanting geheel op elkaar zijn aangewezen!
Uit de verzamelde nectar (een oplossing van suikers) wordt door de bijen honing geproduceerd. Na het opzuigen vanuit de bloem voegt de bij enzymen aan de nectar toe. Als de bij thuiskomt geeft ze de nectar aan de "huisbijen" af en deze zorgen voor verder indampen van de nectar en het opslaan ervan in raten. Als de nu ontstane honing voldoende "rijp" is wordt deze verzegeld met een dekseltje van bijenwas. De zo gevormde voorraad is bedoeld om de winter door te komen.

De imker kan deze honing ook oogsten, maar zal er dan voor zorgen de bijen voldoende suiker terug te geven. Realiseert u zich dat voor het verzamelen van een pot honing 5 tot 10 miljoen visites door de bijen aan de bloemen worden gebracht! De smaak van honing kan zeer verschillend zijn en is afhankelijk van de door de bijen bezochte bloemen. Bij massale bloei van bepaalde planten of bomen kan een vrij eenduidige honing gewonnen worden. Voorbeelden zijn: koolzaad-, fruit-, linde-, distel- en heidehoning. Maar ook de zomerhoning die gewonnen wordt uit vele soorten planten kan prima van smaak zijn! Veel honingsoorten kristalliseren; dit is een volkomen normaal verschijnsel dat optreedt bij zuivere, niet verhitte honing. Door de honing iets te verwarmen wordt deze weer goed smeerbaar. Uitzonderingen zijn bijvoorbeeld heide- en acaciahoning; deze kristalliseren zeer langzaam.
Het nut van de honingbij
Uit het voorgaande blijkt dat de bij van groot belang is voor behoud van onze natuur. Afwezigheid van de bij zal tot gevolg hebben dat gewassen zich slechter kunnen voortplanten door onvoldoende bestuiving. Bijen zorgen ervoor dat de vruchten van vele gewassen zich beter ontwikkelen. Denk hierbij dan niet alleen aan onze fruitbomen, maar ook aan de bessen en vele wilde planten. De laatste dienen als voedsel in het najaar voor onder andere de vogels. Voorts is de teelt van augurken en vroege aardbeien onder glas geheel afhankelijk van bestuiving door bijen. Onze honingbij neemt door haar bloemvastheid een bijzondere plaats in bij de bestuiving. Naast het belang van de bestuiving leveren de bijenvolken ook nog een aantal fijne producten op: honing en stuifmeel. Kortom: onze bij hoort er ook bij!

Bijenhouden iets voor u?
Met deze hobby bent u betrokken bij een prachtig natuurgebeuren. Steeds zult u verwonderd zijn over de organisatie van de bijenstaat en de processen die zich voltrekken. Imkers kunnen er uren over vertellen. Bovendien levert deze hobby in het algemeen een behoorlijke hoeveelheid lekkere, zuivere honing op. Wilt u bijen houden dan kunt u zich het beste aansluiten bij een imkersvereniging. De Algemene Nederlandse Imkersvereniging (A.N.I.) is een landelijke vereniging met afdelingen in verschillende plaatsen. De vereniging zorgt, in samenwerking met de afdeling, diverse activiteiten zoals:
- Het opleiden van belangstellenden tot beginnend en gevorderd imker;
- Het organiseren van bijen- en honingmarkten;
- Het houden van afdelingsvergaderingen met veel informatie over de bijenteelt via lezingen, films, dia's enz.
- Het uitgeven van het verenigingsblad "Onze Bijen" (6 x per jaar);
- Het organiseren van voorlichtingsbijeenkomsten over ziektebestrijding;
- Het houden van imkersdagen met bezoeken en onderwerpen betreffende de bijenteelt en aanverwante zaken;
- Het onderhouden van contacten met bevriende zusterverenigingen.